Generaties en werk: vergelijkende studie

Alle verhalen beginnen met "er was eens". Zo ook dit!

Er was eens een observatie van het socio-economische leven. Ze begint in de jaren 80. En het woord "einde" is nog niet geschreven. Gedurende al die jaren kreeg de wereldbevolking te kampen met bedrijfssluitingen, herstructureringen en veel banenverlies. Er werd toen gezegd dat er te veel mensen waren.

De mensen werden voorgesteld om met pensioen te gaan hoewel ze nog erg jong waren. Dit fenomeen kreeg rare namen: vervroegd pensioen, Canada Dry, vrijwillig vertrek enz. De jongste werknemers zagen hun oudere collega's vertrekken, terwijl deze laatsten zich nog lang niet nutteloos of versleten voelden en de eersten nog niet helemaal opgeleid en klaar waren om hen af te lossen. De menselijke natuur steekt goed in elkaar, zij die vertrokken, begonnen alsmaar meer sociale activiteiten te hebben, waaronder de opvang van hun kleinkinderen. Dat kwam iedereen goed uit, aangezien de kinderen het van de ouderen hadden moeten overnemen. Maar op een dag is gebleken dat diezelfde kinderen niet meer genoeg kinderen maakten – dat is ook logisch aangezien ze veel moesten werken – en dat er niet meer genoeg mensen waren om te werken. Ze moesten dus hun beroepsactiviteit voortzetten na hun normale pensioenleeftijd en dus veel langer werken dan hun ouders. Maar wie zal voor de kleinkinderen en de ouders zorgen? De functioneringswijzen zijn opnieuw aan het veranderen. Hoe reageren de generaties? Wat willen zij? Hoe zien zij zichzelf?

Op die vragen trachtte het onderzoek, dat gelijktijdig bij de drie generaties werd gevoerd, een antwoord te vinden. Babyboomers (1949-1963), generatie X (1964-1979) en generatie Y (1980-1994) ontmoeten elkaar op de arbeidsmarkt. De vooroordelen over generatieconflicten doen veronderstellen dat deze maatschappelijke groepen niet kunnen overeenkomen. Het onderzoek, dat werd gevoerd door de professoren François Pichault en Mathieu Pleyers van HEC-Ecole de gestion de l'Université de Liège en Jacques Vilrokx van de Vrije Universiteit van Brussel, is vernieuwend. Ze probeert de standpunten van elke generatie in drie specifieke domeinen te analyseren: het beeld dat de generatie heeft van zichzelf, de onderneming en ten slotte van haar werk. Het onderzoek is vernieuwend daar er in België tot dusver geen soortgelijke studie over dit onderwerp bestaat. Gedetailleerde analysen over de ene of de andere generatie komen wel veel voor, maar het intergeneratiestandpunt is nieuw.

Uit deze studie, die werd gevoerd van 28 april tot 13 juni 2008, bij 851 personen van 20 tot 59 jaar, kunnen tien bijzonder verrassende lessen worden getrokken.

Meer informatie